Dusan Tadic is een misselijk makende aanvoerder!

Deze keer: vóór de stelling!
Een aantal jaar geleden was er ook een stelling over Tadic: ’Ziyech is een veel betere speler dan Tadic.’ Ik was pertinent tegen die stelling en sta daar nog steeds achter. Daar waar Ziyech het de laatste jaren heeft moeten doen met een plaatsje op de bank bij Chelsea, was Tadic een spelbepalende speler bij Ajax. Hij zorgde er mede voor dat Ajax de afgelopen jaren even aan de Europese top mocht ruiken. Zijn doelpunten, zijn afgemeten voorzetten, maar vooral zijn wil om te winnen en leiderschap waren onmisbaar in het onervaren Ajax-team.
De laatste maanden is Tadic niet meer de bepalende speler van weleer. Toch heeft hij nog steeds momenten waarop hij zijn klasse toont. Tadic is 33 jaar en heeft al een mooie carrière achter de rug. Waarom komen bij Tadic dan de laatste tijd die nare trekjes naar voren? Schwalbes, tegen de scheidsrechter zeuren, om kaarten voor tegenstanders vragen en schreeuwend over het veld rollen alsof hij een doodschop heeft gekregen. Nu zei mijn oom Graad zaliger, vroeger al: ‘Een speler die werkelijk zwaar geraakt is, rolt niet over het veld maar blijft stilliggen.’ Helemaal bont maakte Tadic het trouwens door laatst de geblesseerde Antony, die naast de zijlijn was beland, weer het veld in te trekken zodat het spel stilgelegd werd. Het is geen gedrag dat bij een aanvoerder past.
Misselijkmakend gedrag is niet aan Tadic voorbehouden. Alvorens die geweldige halve finale tegen Real Madrid te spelen in de Champions League moest Manchester City in de kwartfinale afrekenen met die andere ploeg uit Madrid, Atlético. In de beslissende wedstrijd vertoonde City een gedrag dat normaliter is voorbehouden aan Simeone en zijn mannen. Provoceren, tijdrekken en Guardiola die à la Simeone langs de lijn liep te tieren. Het geeft aan dat mensen die onder druk staan, rare dingen doen. Zou bij de ervaren Tadic ook nog sprake zijn van druk?
Als de deadline nadert voor het inzenden van deze column en er nog geen pakkende afsluiter gevonden is, staat ook een ‘Wijze’ na zoveel jaren nog steeds onder druk. Ik ben dan niet om te genieten en iedereen in huis moet het ontgelden. Onze hond kruipt angstig onder de bank en mijn vrouw steekt uit voorzorg een kaarsje aan. Goed dat we tegenwoordig maar eens per twee weken een column hoeven in te leveren.
Voordat ik nu beschuldigd word van dier- en vrouwonvriendelijk gedrag en sponsors weglopen bij de Pingelieër: overdrijving en ironie zijn soms handig om een einde aan een column te breien!

En wat vindt Frank (tegen de stelling)?:
De komst van Tadic luidde enkele gouden jaren in voor de Amsterdammers, die vanaf dat moment ook internationaal gezien opeens weer kleur op de wangen kregen. Zelfs de destijds voor onmogelijk gehouden Champions League-finale werd slechts op een haar na gemist. Het fatale doelpunt van Lucas Moura staat voor eeuwig in het collectieve verdrongen voetbalgeheugen gegrift, als goede tweede achter de 2 – ‘zijn we er toch ingetuind’- 1 van Gerd Mülller. Zonder de Serviër had ook de carrière van Ten Hag er ongetwijfeld anders uitgezien en was het maar de vraag of Manchester United ooit aan zijn deur had geklopt.
De Groningse scout die de jongen Dusan destijds bij Vojvodina heeft weggeplukt mag de nodige veren geïmplanteerd krijgen, want bij iedere club heeft zijn ontdekking geweldig gepresteerd, iets wat zeker niet altijd op gaat voor profvoetballers met meerdere werkgevers achter hun naam. Naast doelpunten, assists (!!) en weinig verzuim, brengt hij altijd een flinke portie ‘grinta’ (met een g, geen b) in de gelederen dat vaak doorslaggevend blijkt te zijn. Vrij vertaald uit het Italiaans: karakter, doorzettingsvermogen of in goed Nederlands ‘dash’. Als het op winnen aankomt heeft ieder elftal een speler als deze nodig. Nu was dat in dit geval geen lastige opgave met een voorganger als saaihans en ijskonijn Dolberg, om nog maar te zwijgen over Cassièrra en Clement. Dit verschil uitgedrukt in eenvoudige spitsentaal:

Ruim over de dertig begint er wat sleet op de voetballende prestaties te komen en grijpt Tadic vaker dan voorheen naar middelen die misschien wat minder sympathiek zijn, maar nimmer kwaadaardig, in tegenstelling tot zijn Braziliaanse collega op de rechterflank. Vrijwel altijd hebben de capriolen van de Serviër iets kolderieks en is hij na afloop nooit te beroerd om de vermoorde onschuld te spelen. Immer verschijnt Dusan voor camera om in ontwapenend ABP (Af en toe Begrijpelijk Petrovic) uit te leggen dat hij het allemaal nooit zo bedoeld heeft en dat de scheidsrechter sowieso in alle gevallen gelijk heeft. Onmogelijk om lang boos te blijven op de Ajax-captain, laat staan om dit gedrag als ‘misselijk’ te bestempelen….