De Graafschap, Emmen, Excelsior, Fortuna, NAC, VVV, Willem II: nu hebben we een echte Mickey Mouse-competitie!

Niets nieuws onder de zon! Naast bovengenoemde teams spelen ook clubs als Heracles, PEC en Groningen al jaren een ondergeschikte rol in de Eredivisie. Tel daar dan ook nog maar ADO bij, ofschoon die ploeg dit jaar goed presteerde. In feite resteren dan nog maar zeven clubs die elk jaar onderling uitmaken wie kampioen wordt en wie Europees voetbal speelt.
Ook in Engeland, Spanje, Italië en Duitsland zijn het maar een paar clubs die de dienst uitmaken. Zelden is er een verrassing zoals Leicester City of Wolfsburg een aantal jaar geleden. Waarom wordt in de genoemde landen dan niet gesproken over Mickey Mouse-competities? Dat komt omdat de clubs uit die competities, Europees wel succesvol zijn. De kwartfinale van de Champions League van dit jaar bestond uit drie Spaanse, twee Italiaanse en twee Engelse clubs. Bayern zorgde voor de Duitse inbreng. Het is inmiddels al meer dan tien jaar geleden dat PSV als laatste Nederlandse club de kwartfinale bereikte. Duidelijker kan de devaluatie van de Eredivisie niet aangetoond worden.
De zwakke Eredivisie leidt tot de discussie om over te stappen op het Belgische model. Hierbij komen de ‘topclubs’ meerdere keren per jaar tegen elkaar uit. Ik zit hier niet op te wachten aangezien het niveau daardoor niet beter wordt. Daarnaast blijven de wedstrijden tegen Ajax, Feyenoord of PSV voor de kleine clubs toch de hoogtepunten van het seizoen. Komen deze wedstrijden te verdwijnen dan vrees ik voor het voortbestaan van deze clubs.
Tegenover de devaluatie van de Eredivisie staat volgend jaar wel een sterke Jupiler League. Met clubs als FC Twente, Roda, Sparta en NEC zal de strijd om het kampioenschap hevig zijn. Een snelle terugkeer naar de Mickey Mouse-competitie zal ook voor Roda een hele toer worden, temeer daar het afwachten is of Dagobert Korotaev geld in de club blijft steken.